Hoe herken je eenkennigheid bij je baby
Eenkennigheid is een fase waarin je baby vooral hecht is aan één of enkele vertrouwde personen, meestal de ouders. Je merkt het doordat je baby gaat huilen, zich vastklampt of wegkijkt zodra een minder bekend persoon dichtbij komt of hem probeert op te pakken. Ook kan je baby ineens gaan protesteren als jij de kamer uitloopt, terwijl dat eerder geen probleem was.
Deze reactie is normaal en hoort bij een gezonde hechting. Je baby begint te begrijpen wie vertrouwd is en wie niet, en dat kan spannend zijn. Het betekent niet dat je baby verwend is of dat je iets verkeerd hebt gedaan, maar dat je kind een nieuwe stap zet in zijn emotionele ontwikkeling.
Verschil tussen verlatingsangst en eenkennigheid
Verlatingsangst en eenkennigheid lopen vaak door elkaar. Bij verlatingsangst raakt je baby van slag als jij uit beeld verdwijnt. Bij eenkennigheid reageert je baby vooral op onbekende mensen. In alle gevallen is het belangrijkste dat je baby zich weer snel veilig kan voelen bij jou.
Wat kun je doen om je baby te helpen
Je hoeft eenkennigheid niet op te lossen, maar je kunt de fase wel makkelijker maken voor jullie allebei. Het begint met je baby serieus nemen in zijn gevoel. Dwingen om bij iemand op schoot te gaan of te blijven als hij duidelijk laat merken dat hij het spannend vindt, maakt de spanning alleen maar groter.
Probeer je baby stap voor stap te laten wennen aan nieuwe mensen en situaties. Blijf in de buurt, praat rustig en laat merken dat het veilig is. Als jij vertrouwen uitstraalt en beschikbaar bent, durft je baby steeds een beetje meer te ontdekken.
Rustig afscheid nemen en terugkomen
Als je even weg moet, bijvoorbeeld naar je werk of om een boodschap te doen, helpt het om je baby altijd te vertellen dat je weggaat en dat je weer terugkomt. Ook als je baby het nog niet allemaal kan begrijpen, herkent hij op den duur je toon en je voorspelbaarheid. Sluip niet stiekem weg om huilen te voorkomen. Een kort, warm afscheidsritueel geeft uiteindelijk meer veiligheid dan ineens ontdekt worden dat je weg bent.
Omgaan met bezoek en oppas
Bij visite of een nieuwe oppas is het goed om je baby eerst de tijd te geven om vanaf jouw schoot te kijken en te wennen. Laat de bezoeker rustig praten, misschien even spelen op afstand, zonder je baby direct op te pakken. Je baby bepaalt het tempo. Vaak durft hij uit zichzelf wel contact te maken als hij merkt dat jij ontspannen bent en beschikbaar blijft.
Bij een oppas of op het kinderdagverblijf kan een vast ritueel bij het brengen helpen. Denk aan een vast knuffeltje, een kus, eenzelfde zin die je altijd zegt en een duidelijk moment van overdracht aan de verzorger. Door routines voelt je baby dat de situatie voorspelbaar is, ook als hij het nog spannend vindt.
Verwachtingen bijstellen en goed voor jezelf zorgen
Eenkennigheid kan voor ouders emotioneel best pittig zijn. Het kan schuldgevoel geven als je weg moet, of juist ongemakkelijk als je de enige bent bij wie je baby stil is. Probeer te onthouden dat deze fase voorbijgaat. Het is geen oordeel over jou of over anderen, maar een momentopname in de ontwikkeling. Zorg ook dat jij steun zoekt als het veel van je vraagt, bijvoorbeeld door erover te praten met je partner, een vriend of een professional.